CD recensies

CD Recensies

Pink Floyd - The Endless River CD Recensie

The-Endless-River

Reis door de tijd.

 

Wat te verwachten van bewerkte oude opnamen die als nieuw verschijnen, uitgebracht door een artiest ? 

De mare ging afgelopen zomer dat dit een 'left over' album zou zijn van sessies uit de tijd van The division bell (1994) wat het laatste album leek te zijn onder de noemer Pink Floyd, 20 jaar lang.

Nu dus dan The Endless River. Ik heb de cd nu drie keer achter elkaar beluisterd, en wat een juweel. Het album is opgedeeld in vier zijden, maar op cd is die 'plaateigen' indeling natuurlijk niet terug te zien en luistert het bijna complete instrumentale album weg als een zwanenzang van een wel heel levendig klinkende zwaan. Sterker nog, het geheel zou ik het beste willen noemen wat Pink Floyd post Waters (na 1983) gepresteerd heeft, en scherper gesteld het beste werk sinds 'The Wall' uit 1979. 

Dat Roger Waters zou aanschuiven om mee te spelen op deze plaat was natuurlijk in sommige kringen gehoord, maar natuurlijk niet reëel te verwachten. Gedrieën met David Gilmour en Nick Mason stond Waters bij de afsluiting van de jarenlange solo opvoering van zijn 'Wall' in Londen voor de omgevallen muur, maar dat is nog wat anders dan gedrieën die omgevallen muur oversteken, wat blijkt. 

Het album beluistert als één grote bloemlezing uit alle muziekstijlen die Pink Floyd vermocht, van psychedelisch eind jaren 60 en begin jaren 70 overvloeiend in de classic Floyd van midden jaren 70 en de conceptmuziek van The Wall uit 1979. Alles hoor je terug, en sommige stukken beluisteren zich zó, alsof ze - zonder schaamte of inferieur - zo op die klassieke albums hadden kunnen staan. Voorwaar een relevante, gedreven afsluiter, deze eindeloze rivier van stemmingen en in de hoofdrol Rick Wright, de in 2008 overleden toetsenist.

Ook David Gilmour hoor je spelen als in geen jaren. Het is geen obligaat geheel geworden, maar een hommage aan Rick Wright en misschien nog wel meer aan zichzelf als instituut Pink Floyd zijnde. Ken je Pink Floyd helemaal nog niet, dan maakt deze plaat dat je alle andere eerder albums te pakken wil krijgen. 

Dat is de prestatie van dit muziekstuk, dat afsluit met 'Louder than words' met de enige en alleszeggende songtekst

'We bitch and we fight, diss each other on sight. But this thing we do, these times together. Rain or shine or stormy weather. This thing we do. - It's louder than words, This thing what we do, It is louder than words, The sum of our parts, The beat of our hearts, It's louder than words'

Indrukwekkend en een veelzeggender en waardiger einde dan wat in 1983 'The final cut' heette.

Als dit het laatste was, dan is het goed. What zou the great gig in the sky er van vinden ? 

 

Thomas Kamphuis

Bryan Ferry - Avonmore CD Recensie

avonmore

Re-make re-model 

Met een lichtelijk be- en verzwaard gemoed keek ik uit naar 'Avonmore'. De 'vooruitgesnelde single' Johnny and Mary, een samenwerking tussen Todd Terje en Bryan Ferry, beluisterde ik van de zomer met een onwelgevallige traan. Johnny and Mary is een cover van het nummer van Robert Palmer. De versie van Bryan Ferry is een nogal deprimerend gebeuren- waarin zijn stem, die natuurlijk niet meer zo klinkt als 20 of 30 jaar geleden - op zijn 69ste wel heel fluisterend, ja welhaast verdwijnend klinkt. Toen bij het bekend worden van de setlist van Avonmore ook nog bekend werd dat er nóg een cover op het album zou verschijnen in de vorm van 'Send in the clowns', begon deze recensent te vrezen. Was de creativiteit definitief passé, en kregen we kliekjes van vroeger opgediend, nummers die andere albums niet gehaald hadden, en hoe geïnspireerd zou dat anno 2014 nog kunnen klinken ? 

Als ook nog de album afbeelding getoond wordt, met een Ferry uit 1974, fronst uw recensent toch enige wenkbrauw. Ferry, met de decade jonger, de coverfoto van Frantic indachtig ? 

Hoe meer er naast had ik kunnen zitten. Luisterend naar de eerste volledige stream op internet van het album - zie vermelding onderaan - word je als Bryan Ferry fan verrast. Hier hoop je op sinds Mamouna (1994). Het klinkt als een muzikale bloemlezing van een periode beginnend met Roxy Music's Avalon (1982) tot en met songs die uit de periode 1990 - 2002 stammen, qua framewerk. Bezwaarlijk ? Geenszins, zo blijkt. Want als je het beste uit een creatieve tijd weet te halen, die geweest is en het anno 2014 zódanig weet te reproduceren wordt de huidige tijd ook weer creatief. 

Bryan-Ferry-AvonmoreFrantic (2002) leek de koek op. Roxy Music kwam niet verder van de grond, een aardig coveralbum met Bob Dylan Dylanesque (2007) kwam uit, en daarna in 2010 Olympia met enkele geslaagde songs met een rijpere Ferry (Reason or rhyme, Me oh my) maar ook heel veel (net) niet. Het leek een haastig in elkaar gezet album, wat in retrospectief toch teveel hing in halve ideeën en wat vooral op valt: het erg cleane geluid met een moeilijk hoorbare Ferry. In 2012 leek de zwanenzang nabij, met The Jazz Age, waar hij zich zelf ging coveren met een jazzband.

Live pakte dit wél spannend uit, maar het Grote Lange Wachten was natuurlijk op iets Spannends, Origineels, Nieuw Iets.

Dat is er nu. En om maar gelijk van wal te steken: het cleane geluid van Olympia heeft plaats gemaakt voor het geluid van een band die met elkaar samen speelt, je hoort (vele) de instrumenten weer, het swingt, het zweet, het sophisticeert weer. Na een paar luisterbeurten concludeert uw recensent dat dit toch 's mans beste sinds Mamouna is. Juist misschien in de herkenning van die sound zou je Avonmore een vervolg daar op kunnen noemen. Ook ademt het hier en daar de tijd van de coverplaat Taxi (1993) uit. Bryan Ferry's stem heeft qua kracht ingeleverd, maar hier is een emotionele zeggingskracht voor terug gekomen. Ook al heeft hij aan kracht ingeleverd, hij zingt met veel meer 'Begeisterung' op Avonmore. Bryan Ferry is weer in Bryan Ferry gevaren. Het klinkt eindelijk weer eens betrokken en urgent. 

 

Een bloemlezing van Avonmore.

Loop de Li - intrigerende titel, is alsof we Mamouna opzetten als het in 2014 uitgekomen was. Gelaagd, op zo'n nummer hoopte je al sinds Mamouna. Nog niet eens het sterkste nummer van Avonmore, maar het zet gelijk de toon. Maar luister naar de gelaagdheid in de muziek. Dit kan alleen Bryan Ferry. Totaal uniek. Waar hij specifiek over zingt 'Hatred, bitter': zal het de liefde zijn die komt en gaat, zo ook nog steeds in zijn leven de laatste jaren ?

 

Midnight train is de definitieve versie van een demo die verscheen op het nooit uitgebrachte 'Horoscope sessions' uit 1990, wat de opmaat was voor 'Taxi' en Mamouna' in die jaren. Sterk nummer met een sterk 'Taxi' album gevoel, met dien verstande dat Midnight train gewoon een zelfgeschreven nummer is. Qua zang een wat opvallend nummer op Avonmore aangezien er de zang (deels) in is gezet uit die jaren. Ja, en zo zingt hij niet meer anno 2014. Geenszins problematisch overigens. Dit nummer laat vooral de kracht van het terugkomen van de ritmiek zien op Avonmore. Het klinkt weer strak en swingend.

 

Soldier of fortune is een samenwerkingsverband met de oud gitarist van The Smiths, Johnny Marr. Met Marr werkte Bryan Ferry ook al samen op Bete Noire (1987) op het nummer The right stuff. Soldier of fortune is een sterk nummer en een rustpunt op de plaat. Hier hoor je Ferry zoals Ferry anno 2014 klinkt. Door de bescheidener instrumentatie in het nummer staat zijn stem centraal, en dat hoorden we te weinig de laatste jaren. Het gitaarspel van Marr tilt het nummer naar de kwalificatie 'juweeltje'.

 

Driving me wild, is een van die duistere, donkere nummers op Avonmore, die ook wel 'Roxy Music anno 2014' in zich heeft. Vraag me niet waarom. Ingenieus drum/ritmewerk dat zich gelijk tussen je oren nestelt. Wat hem gek maakt ? Het zal De Vrouw wel weer eens niet zijn zijn, het meest mysterieuze wezen op aarde, volgens de Master zelf. Namen en rugnummers worden niet genoemd. Het ingenieuze verstopte pianogeluid doet ook wel denken aan muziek van eind jaren 90, een beetje trip hop achtig. Er gebeurt instrumentaal behoorlijk veel in dit nummer. Een band als orkest, Ferry is er liefhebber van, met de Maestro op de bok.

 

A special kind of guy weer een rustpunt, wat songtechnisch wel op Avalon had kunnen staan, als het anno 2014 was gemaakt. Een Ferry ook hier weer, zoals ik hem graag hoor anno 2014. De stem centraal, gerijpt, en niet verstopt in de mix. Enorm persoonlijk nummer voel ik aan, ontroerend. Dit type nummer tilt het album alleen al naar de gegeven waardering.

 

Dan Avonmore zelf. gejaagd, duister, urgent. Ondoorgrondelijk. Typisch Ferryaans. Een van de parels in de kroon van Avonmore. Had op Frantic kunnen staan. Als dit een 'leftover' is van Frantic en hij zulke nummers 'op de plan'heeft liggen, kunnen we nog onze lol op aankomende jaren. En terecht. 'What if the good tiomes turn into sorrow. What if a stranger takes your place'. 

Het Herenleed slaat gelukkig hier en daar weer hard toe. Een te gelukkige Ferry heeft niet altijd zijn meest creatieve werk geleverd. Intrigerende saxofoon - enigszins oosters aan doend - in het nummer. Het drumwerk opzwepend en strak. 

 

Lost, het nieuwe 'Avalon'of zoals Avalon geklonken zou hebben anno 2014. De sfeer in dit nummer doet echter ook 'Taxi' oproepen. Hoe dan ook, vermocht dit een left-over idee zijn van Avalon (1982) Méér graag.. en zo zitten we al op 7 van de 10 goed.

 

Dan de Uitsmijter. Verkocht op het eerste gehoor, Opzwepend Grote O en een heerlijk Ferryaans koortje er in. 

One night stand. Lan ik tien keer luisteren zonder dat het gat vervelen. Geweldig ritme, (bas !) gedreven, alleen Bryan Ferry kan zo''n nummer schrijven. En let op die Stem. Dit bedoel ik nu.. zo heb ik hem al heel veel jaren niet horen zingen, en dit is toch echt zijn stem anno 2014. Er zit weer iets diep gemeend in, het is geen act of onbetrokken maniertje. Hier kruipt Ferry weer bij je naar binnen. Hoera, vele malen hoera.

Reteswingend nummer voor ieder moment van de dag. 'One more saying I love you. Fly me over the moon'

 

8 van de 10 goed, missie al geslaagd eigenlijk. En dan die altijd weer opduikende covers. Maar wacht even.

 

Send in the clowns, dat  verondersteld andere depressieve broertje van Johnny and Mary op het album. Dit had op Taxi gestaan óf op Olympia, maar dan als een van de betere nummers. Verrassende instrumentatie, en wederom: Bryan Ferry als ongekroonde Coversmid, die van een nummer iets zoveelzeggends maakt, dat het origineel verbleekt. Luister naar Jealous Guy en vorm uw eigen mening. 

 

Johnny and Mary tenslotte.. op deze plaats - eind van het album - ná Send in the clowns, valt het nummer opeens op zijn plaats. 

Ik kan gaan zuurpruimen dat ik nog liever 10 originele nummers had gehad, maar de 8 nieuwe nummers zijn van zo'n hoog niveau en de 2 covers ook van een niet 'tussendoortje/vuller' niveau dat gerechtvaardigd is Avonmore te scharen bij zijn beste solo albums.

Roxy Music is niet meer, viva Bryan Ferry.

 

Recensie: Thomas Kamphuis

Ivo Bernard - Memory Man CD

ivo bernardIvo Bernard is een Nederlandse zanger, gitarist en singer-songwriter uit Haarlem. Zijn debuutalbum heet 'Memory Man' en is de opvolger van de EP 'Cloud Nine Echo' uit 2010. Het grote publiek kan Ivo Bernard kennen van de powerpop formatie The Dolly Birds of van de Eagles-tribute band The Dutch Eagles. Dan weet je meteen in welke hoek je de muziekstijl moet zoeken op dit album. Country voert de boventoon maar ook easy listening. Bernard brengt zijn muziek op geheel eigen wijze en dat levert soms hoogtepuntjes op. De zanger kiest voor variatie op zijn debuut en dat levert een album op dat uiterst breed klinkt. Qua teksten zijn het vooral herinneringen die Bernard ophaalt. Kleine stukjes herkenning uit vervlogen tijden, maar ook impressies van nu. Ieder liedje roept een bepaald sfeerbeeld op, waarbij je samen met Ivo Bernard op een nostalgische reis gaat. Een mooi album met een belangrijke groeifactor. Hoe vaker je ernaar luistert hoe mooier het wordt. *** 1/2

Ani DiFranco - Allergic To Water CD

 

Ani-DiFrancoByCharlesWaldorf-4

Allergic To Water is Ani DiFranco’s opvolger van Which Side Are You On? uit 2011. Daarop speelden belangrijke muzikanten uit New Orleans mee, naast The Neville Brothers, Anaïs Mitchell en folklegende Pete Seeger. DiFranco woont tegenwoordig in New Orleans en dat beinvloedt naast haar leven ook haar muziek. Op Allergic To Water staan twaalf songs die in de afgelopen drie jaar geschreven werden. DiFranco’s gaan sinds haar debuutplaat uit 1990 over haar liefde voor zowel mannen als vrouwen, maar ook over de situatie in de wereld. Ze zingt veel over vrouwenrechten, de slechte behandeling van minderheden in de maatschappij en het milieu. Op deze nieuwe plaat staan deze thema’s wat minder sterk op de voorgrond en staat de liefde voor haar partner en voor haar kinderen meer centraal. Het album nam ze in haar eigen studio in New Orleans op. Dat resulteerde in een voor Ani vrij optimistisch album waar verschillende stijlen aan bod komen. Van het jazzy See See See See tot het meer soulvol klinkende Harder Than It Needs To Be of de akoestische titeltrack Allergic To Water. Centraal qua muziek staat bij Ani Franco weer het unieke finger picking gitaargeluid waar de singer-songwriter bekend door is geworden. Allergic To Water is een mooi album wat steeds meer groeit hoe langer je ernaar luistert (AR). *** 1/2

DWDD Presenteert Guilty Pleasures Live in Paradiso CD

dwdd350Het afgelopen seizoen van DWDD leverde op muziekgebied een aantal zeer bijzondere momenten op. Behalve de optredens op het podium waren dat ook de Guilty Pleasures-momenten aan tafel. Artiesten kozen nummers uit die op het eerste gezicht niet binnen hun repertoir passen. Songs als bijvoorbeeld Believe van Cher, YMCA van Village people of Love Is A Battlefield van Pat Benatar. Die zetten ze geheel naar hun hand en maakten er eigen versies van. Die brachten ze in ‘naakte’ versies met begeleiding van slechts een enkel instrument. Daar kwamen hele mooie liedjes uit. In september werd er een speciaal Guilty Pleasures concert in Paradiso georganiseerd waar alle liedjes uit het programma nog eens in een live-omgeving gebracht werden. Dat leverde voor de aanwezigen en artiesten onvergetelijke momenten op. Het zou jammer zijn om deze liedjes zomaar verloren te laten gaan. Dus werden ze gebundeld op de live CD DWDD Presenteert Guilty Pleasures Live in Paradiso. Hierop hoor je Waylon, Qeaux Qeaux Joans, Bo Saris, Janne Schra, Danny Vera, Michael Prins, Tim Knol, Hadewych Minis, Blaudzun, Douwe Bob, Alex Roeka, Marien Dorleijn, Tessa Rose Jackson, Mister & Mississippi, Niels Geusebroek, Shirma Rouse en de jonge en veelbelovende zangeres Bente. Een mooie compilatie die de aanschaf zeker waard is. ****

 studiopijlman-hosting